Het lijkt erop dat je een verouderde browser gebruikt waarin sommige onderdelen van Clubbase niet goed functioneren. We raden je aan om een andere browser te gebruiken.

LHBT-ers in sport: bemoedigende cijfers, maar meer werk vereist

NOC*NSF15 mrt 2017

Binnen het actieplan Naar een Veiliger Sportklimaat, dat tot doel heeft een prettige, veilige sportomgeving voor zoveel mogelijk mensen te creëren, vormen ook de acceptatie en ervaringen van LHBT-personen een actueel en terugkerend thema. Eerder in maart bracht het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), mede op basis van de LHBT-monitor, de huidige situatie van deze groep in de sport in de kaart. De conclusie is tweeledig. De ervaringen van LHBT-personen zijn over het algemeen redelijk positief, maar er is nog veel werk te doen.

Een belangrijke conclusie op basis van de LHBT-monitor is in ieder geval dat er geen sprake is van significante verschillen in sportdeelname tussen LHBT- en heteroseksuele personen. Daarbij dient wel te worden aangetekend dat over het sport- en beweeggedrag van transgenders iets minder bekend is dan over het gedrag van homo- en bi-seksuelen. Wel blijkt uit onderzoek dat een kwart van de niet-sportende transgenders afziet van sport omdat ze transgender zijn.

Groeiende acceptatie

Op basis van verscheidene onderzoeken in de afgelopen zeven jaar, onder meer van het Mulier Instituut, komen bemoedigende cijfers naar voren over homoacceptatie in de sport. Van de Nederlandse bevolking van 15 jaar en ouder had in 2013 86 procent geen problemen met een homoseksuele medesporter. Verder vindt driekwart het prima wanneer hun kind training zou krijgen van een homoseksuele trainer van hetzelfde geslacht als hun kind. Dat cijfer ligt overigens nog wel iets lager dan de acceptatie van homoseksuele leerkrachten in het onderwijs. Ter vergelijking: 82 procent van de Nederlandse bevolking zou het geen probleem vinden als hun kind les kreeg van een homoseksuele docent.

‘Homonegativiteit’

Punt van zorg is de houding tegenover homoseksuelen in mannelijke teamsporten, zo stelt het SCP-rapport. In een Factsheet Homo-acceptatie in de Sport van het Mulier Instituut uit 2014 blijkt dar er geen sprake is van sterke homofobie onder mannelijke teamsporters. De acceptatie onder deze groep is vergelijkbaar met eerder genoemde cijfers. In de mannensportcultuur heerst echter wel een grotere zogenoemde homonegativiteit. Er worden in mannelijke teamsporten meer homonegatieve grappen gemaakt (63%) dan in andere sportgroepen (34%) en mannelijke teamsporters (57%) vinden beduidend minder vaak dan gemiddeld (73%) dat scheidrechters moeten ingrijpen bij het gebruik van ‘homo’ als scheldwoord. Het resultaat is een omgangscultuur waarin homoseksuelen zich mogelijk minder snel aansluiten bij een sportvereniging. Overigens voelen homoseksuelen in een mannenteam zich over het algemeen wel geaccepteerd. Hun geaardheid vormt voornamelijk een drempel om lid te wórden en lijkt zo hun sportkeuze te beïnvloeden.

Aan de slag

VSK, waar inmiddels twaalf bonden nauw bij betrokken zijn die binnen hun eigen sport ook nadrukkelijk inzetten op een veilig sportklimaat, bestaat om plezierig en veilig sporten voor iedereen mogelijk te maken, dus ook voor homoseksuelen. Wat is de situatie op jouw club en waar begin je als je actief met dit thema aan de slag wil? Veel praktische informatie en bruikbare tools voor sportverenigingen om een veilig sportklimaat te waarborgen, zijn te vinden op www.sportplezier.nl. Bewustwording en kennis over dit onderwerp op de club kan bovendien worden uitgebreid met het verenigingstraject Sport voor Iedereen, aangeboden door de Academie voor Sportkader.


NOC*NSF 15 mrt 2017
Heb je een vraag?

Heb je een vraag?

Neem contact op met NOC*NSF Sport Support via: