Sportaccommodaties blijven voorlopig gesloten tot 6 april, maar het lijkt er sterk op dat die datum zal opschuiven naar later in het jaar. Door de aangescherpte maatregelen, zoals het verbod op evenementen en bijeenkomsten tot 1 juni 2020, zijn competities uitgesteld of zelfs al vroegtijdig beëindigd. “Gezondheid gaat boven alles, maar dat verenigingen dit in hun portemonnee gaan merken staat buiten kijf”, vertelt SWS-directeur Dick Zeegers. “Per week dat de sportcomplexen dicht zijn zal de financiële schade verder oplopen. Als voor alle sportclubs geldt dat de deuren tot 1 juni 2020 gesloten moeten blijven, loopt de financiële schade al snel richting de 300 miljoen euro.”
Gevolgen voor sportinfrastructuur
Ook wanneer de sportloze periode voorbij is, zal de financiële impact nog altijd groot zijn. “Dat effect kan nog jaren doorwerken”, aldus Stefan de Wit. Hij is senior projectadviseur bij SWS. “Als een sportclub al beschikt over een financiële buffer, is de kans groot dat deze nu grotendeels moet worden aangebroken. Dit betekent dat noodzakelijke toekomstige investeringen, zoals het vervangen van tennisbanen of de renovatie van kleedkamers en clubhuizen, verder onder druk komen te staan en financieel misschien niet meer haalbaar zijn. Dat kan grote gevolgen hebben voor de kwaliteit van de sportinfrastructuur.”
Banken en SWS bieden helpende hand
Gelukkig hebben onder andere ABN Amro, BNG, ING, Rabobank en Triodos Bank een regeling getroffen waarmee zij hun klanten in het midden- en kleinbedrijf, waaronder sportverenigingen, te hulp schieten: voor zakelijke kredieten tot 2,5 miljoen euro kan aflossing voor zes maanden worden opgeschort, mits de bedrijven gezond zijn en niet al met betalingsproblemen kampen. “Dat is natuurlijk goed nieuws voor de sportsector”, zegt Zeegers, “maar daarnaast willen wij er bij de overheid op aandringen dat andere goedkope leningen of subsidies voor sportclubs noodzakelijk zullen zijn om te overleven”.
SWS besloot, na overleg met haar arrangementspartners, om de afbouw van de borgstelling óók voor zes maanden op te schorten. “Voor veel sportclubs is de financieringslast één van de grotere uitgavenposten”, legt De Wit uit. “Het uitstel van zes maanden geeft de clubs de ruimte om aanvullende maatregelen te nemen die de vereniging draaiende kunnen houden. Dan is het vanzelfsprekend dat wij als SWS ook ons steentje bijdragen om de clubs te helpen.”
Verschillende werkwijzen
Elke bank kan op haar eigen manier omgaan met de uitstelregeling. ABN Amro laat bijvoorbeeld weten dat sportverenigingen het vóór 31 maart moeten aangeven als ze geen gebruik willen maken van de regeling. Bij de Rabobank is het andersom; daar moet je je juist wel aanmelden als je graag uitstel wil. “Wij adviseren alle clubs dan ook om de eigen situatie tijdig in kaart te brengen en om de afspraken af te stemmen met de eigen bank”, besluit De Wit.